Amazon.com Widgets The James Bond 007 Dossier | Reportage Aston Martin Van 007

The James Bond 007 Dossier

Bond, James Bond.

19. November 2015 06:59
by m
0 Comments

Reportage Aston Martin Van 007

19. November 2015 06:59 by m | 0 Comments

These lucky Dutch journalists get to live every boys dream, driving the the gadget filled Aston Martin from GoldfingerGoldfinger - even Daniel Craig didn't get to do that and he is James Bond! (Despite driving a gun metal Grey vintage Aston Martin DB5 in Casino RoyaleCasino Royale, SkyfallSkyfall and SpectreSpectre, it is obviously not the gadget car seen here - the front number plate is clearly just bolted to the bumper and couldn't possibly spin and there is no cut out in the roof for the ejector seat. You can get a good look at it here.)

page 1
page 2
page 3
page 4
page 5
page 6
page 7
page 8
page 9
page 10
page 11
page 12

James Bond Aston Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_001   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_006   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_038   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_039   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_040   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_041  
James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_042   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_043   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_044   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_045   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_046   James Bond ASton Martin DB5 Great British Cars Nov Dec 2015_Page_047  

RIDDEN MET DE ASTON MARTIN VAN 007

'I NEVER JOKE ABOUT MY WORK'

Fietsers vallen bijna van hun stalen ros als ik tijdens het passeren het kogelvrije schot omhoog zet en de nummerplaten draai. Ze zien er niet direct uit als autoliefhebbers, maar deze auto herkennen ze onmiddellijk. We gingen op pad met de beroemdste auto ter wereld, een originele Bond-DB5.

Tekst: Perry Snijders - Fotografie: Luuk van Kaathoven

Bondfilm vol autoslopers

Voor de James Bond film SpectreSpectre is in totaal voor £ 24 miljoen (dik 32.4 miljoen euro) aan auto's gesloopt. Filmdirector Sam Mendes yestigt daarmee; waarschijnlijk een nieuw record. Een groot deel van de gesloopte auto's ging eraan bij een achtervolging door onder meer het Vaticaan en Rome (bij het Collosseum). Bond rijdt in die scène in een Aston Martin DB10, en superschurk Mr. Hihx in een Jaguar C-X75.

Stuntcoördinator Gary Powell vertelt dat bij die achtervolgingvoor miljoenen euro's aan auto's zijn gesloopt. In sommige fragmenten reden stuntmannen met 180 km/h het Vaticaan in. Een nacht lang filmen leverde volgens Mendes vier luttele seconden voor de film op.

In de boeken van Ian Fleming reed James Bond, geheim agent voor het Verenigd Koninkrijk, uitsluitend in De man met dg gouden vingers (verscheneii in 1959) in een Aston Martin, een DB III om precies te zijn. We moeten het zonder afbeeldingen stellen, maar waarschijnlijk wordt de DB 2/4 Mark III bedoeld; zelfs voor James Bond zou een pure raceauto misschien wat veel van het goede zijn. In de meeste andere boeken van Fleming bedient de geheim agent zich van een Bentley. Dat wordt al direct in Casino RoyaleCasino Royale duidelijk, het eerste boek dat Fleming over Bond schreef. 'Bonds auto was zijn enige hobby. Het was een van de laatste 4% liter Bentleys met compressor, en hij had hem in 1933 bijna nieuw gekocht, en hem gedurende de oorlog zuinig bewaard. Elk jaar werd hij in Londen grondig nagekeken, en een vroegere Bentleymonteur, die in een garage dicht bij Bonds flat in Chelsea Werkte, vertroetelde de ttagen als een kind. Bond reed er hard mee, maar goed, en altijd met plezier. De kleur was grijs, de tint van een oorlogsschip, en hij had een linnen kap, die werkelijk open kon; hij kon er 120 mijl per uur mee rijden'. Later in het boek loopt de Bentley een stevige schade op, maar dat weerhoudt de Blower Bentley er niet van om een jaar later terug te keren in ktODrd on dërwater. In de boeken houdt Commander Bond er een stevige mening op na over auto's. Een Mercedes 300 SL? 'Te korten te zwaar om sierlijk te zijn'. Naoorlogse Bentley's? 'Door Rolls tot bedaarde wagens voor de stad getemd'. Dat weerhield hem er overigens niet van om in Hoog. spel (1955) een Bentley Mark VI uit 1953 aan te schaffen, een exemplaar met open kap dat net als zijn oude exemplaar in bnttksMp gfef was uitgevoerd. Die auto figureert alleen op de laatste pagina's van het boek en komt daarna in geen van de veertien door Fleming geschreven Bond-boeken terug. In Kalm amr^Ur. Bond (1961) rijdt hij weer in een andere Bentley, die hij zelf 'de locomotief' noemt. 'Bond was in het bezit Van de meest opvallende auto's in Engeland. Het was een Mark II Continental Bentley waarmee de één of andere rijke idioot tegen een telegraafpaal gereden was. Bond had de overblijfselen voor £ 1500 gekocht en Rolls had het chassis recht gebogen en er een nieuwe motor in gemonteerd, de Mark IV-motor met een compressie van 95. Toen was Bond met £ 3000 (de helft van zijn kapitaal) naar Mulliners gestapt; zij hadden er de smalle sportcarrosserie afgehaald en er een keurige open two-seater van gemaakt, met twee grote banken met 'armleuningen van zwart leer. De rest bestond uit een nogal lelijke kofferruimte met scherpe hoeken. De wagen was in dofgrijs (de kleur van een slagschip) gespoten, en was zowel met een vogel als met een bom te vergelijken. Bond hield meer van zijn auto dan van alle vrouwen die hij ooit gekend had. Maar hij hield er niet van het eigendom van een wagen te zijn. Een auto, al was het nog zo'n wonder, was een middel van transport en hij moest elk ogenblik dienst kunnen doen: geen garagedeuren waarop je je nagels maar brak, geen geduvel met monteurs, behalve dan de snelle maandelijkse
controle. Dé locomotief stond vóor zijn flat geparkeerd; er werd van 'm verwacht dat hij, onder alle weersomstandigheden, onmiddellijk startte en dat hij daarna op de weg bleef!'

Avontuurlijke jongeman

In de films is van die Bentleys nauwelijks een spoor te vinden, en zo gek is dat niet. Jleming had de filmmakers namelijk een klem cadeautje gegeven in zijn beschrijving van de Aston Martin, die anders dan de Bentleysniet van Bond zelf is, maar van de geheime dienst.

Dat cadeautje bestond uit een kleine opsomming van de aanpassingen die de dienst had gedaan. 'De auto kwam uit het depot. Men had Bond de Aston Martin aangeboden of een Jaguar. Hij had de DB III genomen. Beide wagens zouden bij zijn vermomming hebben gepast: een welgestelde, nogal avontuurlijke jongeman met een voorkeur voor de goede, snelle dingen des levens. Maar de DB III bood het voordeel van een bijgewerkte triptiek, een onopvallende kleur — grijs — en zekere bijzonderheden die van pas zouden kunnen komen. Daaronder waren begrepen schakelaars om het type en de kleur van Bonds kop- en achterlichten te veranderen, als hij bij donker iemand volgde, of Werd gevolgd, met staal versterkte bumpers, vöor en achter, voor als hij moest rammen, een Colt .45 met een lange loop in een geheim vak onder de chauffeursplaats, een radio-ontvanger, afgestemd op een apparaat dat Homer heette, en meer dan genoeg geheime bergruimte om de
meeste douaniers beet te nemen'. De filmmakers namen dat gegeven dankbaar over, al duurde het nog tot de derde film voor ze het licht zagen. In Dr. NoDr. No reed 007 in een niet al te opvallende Sunbeam Alpine, daarmeé Ursula Andress als Honey Ryder alle ruimte gevend om de ster van de film te worden, terwijl hij in Front Êtissiaïvith Law even kort in een Bentley uit de jaren dertig rijdt. Mét autoteléfoon, dat wel.

Tweedehandsje

Pas in de derde film, Gold finger, maakt de Aston Martin DB5 zijn opwachting. Major Boothroyd, beter bekend als Q, laat Bond kortweg weten dat de Bentley 'had its day' en dat hij het vanaf dat moment moet doen met de DB5 als dienstauto. "We've installed some rather interesting modifications," voegt hij eraan toe. De draaibare kentekenplaten verbazen Bond niet, van de hydraulisch uitschuifbare bumpers kijkt hij niet op of om, van het kogelvrije scherm voor de achterruit verblikt of verbloost hij niet; hetis pas bij het zien van de schietstoel dat Bond opmerkt dat dat een grap moet zijn. Een bloedserieuze Q antwoordt: "I never joke about my work, 007." Die aangepaste DB5 is wereldberoemd, en dat terwijl de auto in Goldfingér en Thtinderbaïï bij elkaar opgeteld niet meer dan dertien minuten te zien is. Misschien is het dan ook geen Wonder dat Aston Martin niet veel zin had om mee te werken aan het filmavontuur van de destijds net verschenen DB5. Het bedrijf

bevond zich weer eens in een financiële crisis, een van de vele in zijn bestaan. Bovendien was product plueement in films nog lang niet zo gangbaar als het later zou worden. Waar BMW in de jaren negentig een vermogen neertelde om de Bond-auto's te mogen leveren (en recenter de auto's vooï MjsSöft Impossible, ging Aston Martin er pas na lang lobbyen van de makers van de film mee akkoord om een auto uit te lenen. De filmmakers wilden de auto niet kopén, want met een budget van drie miljoen dollar waren de kosten van de film voor die tijd al astronomisch. De auto die Aston Martin uitleende was niet eens een nieuwe; de makers moesten het doen met het prototype van de DB5, een auto die al stevig gebruikt was en al te zien was geweest in een test van het Britse magazine Autocar. Dok

ZELFS JAMES BOND RIJDT NIET IN EEN BOND-DB5.

in de advertenties van Aston Martin was de auto te zien, toen nog in zijn oorspronkelijke kleur Duboimet Red- Pas na het monteren van de Bond-gadgets werd de DB5 overgespoten in Silver Bircft. Hét monteren van die gadgets kostte naar verluidt zo'n 25.000 pond, vijf keer de prijs van een nieuwe DB5, Zo bekeken is het schokkend dat de producenten van de film de auto niet Wilden kopen, want Aston Martin was na afloop van de filmopnamen onverbiddelijk: de auto werd teruggebouwd naar de normale specificaties en in augustus 1968 verkocht aan Gavin Keyzar, een klant
die geen idee had waarvoor zijn auto gebruikt was. Naast deze auto, die bekendstaat als de Effects Csr> zijn er echter nog drie originele Bond-DB5's.

Ruilen

De eerste daarvan is een standaard DB5, waaraan verder niets te zien was. Die auto stond bij de filmopnamen bekend als Road Car en had geen van de aanpassingen die de auto zo beroemd maakten (en die in de films overigens nauwelijks gebruikt worden). Die auto werd ingezet voor actiescènes die te riskant werden bevonden voor de ÊffMs Car, die met al zijn aanpassingen min of meer onvervangbaar waSi Tót het moment dat producent Eon doorkreeg dat de auto een doorslaand succes was; toen werden bij Aston Martin spoor-slags twee extra DBS's besteld, die kort na de opnamen gereed waren. Die twee auto's staan bekend alitlfcw Cars en worden doorgaans aangeduid met hun chassisnummer, omdat ze voor de rest immers identiek zijn. Kort na de opnamen van ThunderballThunderball waren 2008 en 2017 gereed, en dit keer waren ze al bij Aston Martin voorzien van alle extra's die Q ervoor bedacht had. Net als bij de Effects Car werkt vrijwel alles, op de schietstoel, het navigatiesysteem en de uitschuifbare méssen in de wielnaaf na — maar die werkten bij de filmau-to ook niet permanent. De showauto's werden zo snel mogelijk naar Amerika gestuurd om daar op te komen draven bij iedere mogelijke gelegenheid, waarbij het publiek natuurlijk — natuurlijk — in de waan werd gelaten dat dit de auto was waar Sean Connery in gezeten had.

Toch kwam er een moment waarop die showauto's overbodig werden - in 1969, om precies te zijn. Aston Martin verpatste ze voor een schamele 1.500 pond aan Anthony Bamford,
die daarmee een uitstekende aankoop deed. Nog datzelfde jaar stond namelijk Kenneth Luscombe-Whyte aan zijn poort te rammelen, met de vraag of hij een van de DBS's wilde ruilen tegen een Ferrari 250 GI O. Dat deed hij, en Bamford heeft de 250 GTO tot de dag van vandaag. De tweede DB5 verkocht hij in 1971 voor 5.000 pond.

Kenneth Luscombe-Whyte was snel uitgekeken op zijn DB5, hij deed hem al na enkele maanden Weer van de hand - overigens niet voordat hij in Londen een paar keer parkeerwachters voor de gek had gehouden met de draaiende nummerplaten. Na verschillende omzwervingen, onder meer als publiekstrekker bij een Canadees restaurant, kwam de auto begin jaren negentig bij het Louwman Museum terecht Het museum deed daarmee een goede koop, want slechts enkele jaren later maakte de DB5 zijn rentree in de Bondfilms. In 1995 was de Aston Martin te zien inGöWéïjEje, in 1997 in Toinorrmv Never Dies, in 1999 in The World Is Not EnoughThe World Is Not Enough, in 2006 in
Casino RoyaleCasino Royale en in 2012 in SkyfallSkyfall. Stuk voor Stuk waren dat andere DB5's dan de oorspronkelijke exemplaren, Want verzamelaars lenen hun onvervangbare Bond-DB5 natuurlijk niet graag voor een paar maanden uit; zelfs James Bond rijdt niet in een Bond-DB5. Voor SkyfallSkyfall bijvoorbeeld werd een donkergroene DB5 overgespoten in Silver Birch, terwijl het lichtbruine interieur zwart werd gemaakt.

Nachtwacht

De filmoptredens in latere Bond-films hebben zeker bijgedragen aan de bekendheid van de DB5. Beginjaren negentig verscheen TheMiast Famous Car in the World, een boek van Bond-fan Dave Worrall die het merkwaardig vond dat de geschiedenis van de vier filmautö's nooit in kaart was gebracht en er vervolgens Zes jaar aan besteedde om dat alsnog te doen. Het optreden in nóg eens vijf films zórgde ervoor dat die status van bekendste auto ter wereld nu zéker niet overdreven is. "Het is de meest gezochte en bezochte auto op onze website," vertelt Ronald Kooyman, directeur van het Louwman Museum. "Eï zijn mensen die speciaal naar het museum komen om deze auto te zien." Misschien is het in dat opzicht wel de meest waarde volle auto in de collectie van het museum, want er zijn maar weinig auto's die zó beroemd zijn dat mensen voor die ene auto naar het museum komen. Of het in financieel opzicht
ook de meest waardevolle auto van het museum is^ vertelt Kooyman niet: "We praten nooit over waardes." Niet zo gek, het Rijksmuseum zal je ook niet vertellen wat de Nachtwacht waard is. En wat voor waarde moet je ook geven aan een auto waarvan de waarde zo bepaald wordt door de geschiedenis, maar die in het verleden ook Verkocht is vóor een habbekrats en even-eëns geruild is tegen de duurste auto ter wereld? 1 lee dan ook, de Jijachtwacht van het Loim man Museum staat buiten met draaiende motor voor ons klaar.

EEN MERCEDES 300 SL? “TE KORTEN TE ZWAAR OM SIERLIJK TEZIJN"

Als we het terrein van het museum, bestraat met kasseien, verlaten, blijkt al snel wat dé kwaliteit van de DB5 is: hij is verrassend comfortabel. Dat verwacht je van een GT ook wel, maar hedendaagse CI 's /jjn vaak veel harder geveerd dan deze Aston Martin. De onbekrachtigde besturing laat zich licht bedienen, met dank aan het tamelijk kolossale stuurwiel dat je het instappen nagenoeg ónmogelijk maakt. Het schakelen is echter minder eenvoudig, niet door de pookknop die in de rechtsgestuurde Aston natuurlijk aan je linkerzijde zit maar door het fragiele knopje van de schietstoel dat op de pook gemonteerd is. Toch is het juist dat wat het
rijden in deze DB5 bijzonder maakt. Rijden doet dit exemplaar in principe hetzelfde als iedere andere DB5, al klinkt dat een tikje blasé als het gaat over een auto waarvan slechts 1.023 exemplaren zijn gebouwd. Het gaat juist om die gadgets, die vrijwel allemaal werken, en die deze auto nog specialer maken dan iedere willekeurige andere DB5. Nou ja, misschien is er ergens op de wereld een exemplaar dat nóg specialer is: de Effects Car, het prototype van de DB5 dat voor de filmopnamen werd gebruikt. Van de vier 'echte' Bond-DB5's is dat natuurlijk degene die je het allerliefst zou willen hebben. De Show Cars zijn overtuigende replica's, gebouwd voór de producent van de films, in dezelfde tijd, dus door ze af te doen als 'namaak' doe je ze tekort. De auto in het Louwman Museum is misschien wel
de meest authentieke van allemaal, omdat die auto in de jaren zestig het kentekexi van de originele filmauto kreeg: BMT 216A. 'En bovendien is de auto die wél voor de filmopnamen werd gebruikt al zo'n twee decennia kwijt. Naar verluidt werd de auto in de zomer van 1997 gestolen uit zijn opslagplaats in Florida. De verzekering keerde meer dan vier miljoen dollar uit, het bedrag waarvoor de auto verzekerd was, en sindsdien is er geen spoor meer van de auto gevonden.

De geruchten over verzekeringsfraude zijn echter nooit gestopt. Het terug vinden van het prototype, de originele filmauto xSbSÈiïdfmfKr en Thmiierball, zou dat geen mooie zaak zijn voor James Bond? M


Een speciale Aston Martin voor Bond

De relatie tussen James Bond en Aston Martin kwam moeizaam op gang, maar inmiddels kunnen ze het goed met elkaar vinden. Zogoed, dat de autofabrikant voor SpectreSpectre, de briljante Bond-film die vanaf eind oktober in de bioscoop te zien is, een speciale auto bouwde.

Weliswaar rijdt 007 een paar meter in zijn beroemde DB5, maar dé auto van SpectreSpectre is de Aston Martin DB10. Het merk liet die auto voor het eerst zien bij de perspresentatie van SpectreSpectre, in de Pinewood Studios in Londen. Van de DB10 worden niet meer dan tien exemplaren gebouwd, die stuk voor stuk voor de film gebruikt zijn. Op motorisch gebied houdt Bond het relatief bescheiden; de DB10 bevindt zich niet op het prestatieniveau van een Vanquish of One-77. Hoewel de naam doet vermoeden dat de DB10 een opvolger van de DB9 zou zijn, is de auto gebaseerd op de handge-schakelde V8 S. Er is een kans om een DB10 te bemachtigen; volgend jaar wordt één van de drie resterende exemplaren geveild. Die levert ongetwijfeld een astronomisch < bedrag op. Voor wie het iets bescheidener wil houden, is het wellicht goed om te weten dat de DB10 volgens Aston Martin een beeld geeft van de toekomstige modellen van het merk. In hoeverre dat klopt, kunnen we zien als volgend jaar de DB11 wordt geïntroduceerd.

Overigens is Bond niet de enige die in een speciaal gemaakte auto rijdt; ook badguy Hinx heeft een exclusieve auto. Nog iets exclusiever dan die van Bond zelfs, want van de Jaguar C-X75 zijn slechts vier exemplaren geproduceerd. Tot licht chagrijn van Jaguar, want het merk had liever een F-Type in de film gehad. Een tweede Jaguar is weliswaar wél een productiemodel, maar dan van een type dat inmiddels niet meer in productie is: een vorige generatie XJ. Een andere scène maakt wel iets goed, want daarin worden de Defender en Range Rover Sport van zustermerk Land Rover uitvoerig in beeld gebracht. Daarmee is het echter nog niet over voor de Britse automerken, want Bond en de ravissante Bond-girl Madeleine Swann (gespeeld door Léa Seydoux) worden ook nog — middenin de woestijn nota bene — opgepikt door een Rolls-Royce Silver Wraith uit 1948.

[Source: Great British Cars, Jaargang 6 - nr.29. P. 1, 38-47.  © 2015 VMC Producties b.v. All rights reserved. www.greatbritishcars.nl]

Related Dossiers

No, Mr. Bond, I Expect You To Walk

The Real Star of the James Bond Movie Spectre

Bond in Motion Exhibit in London

California man builds his own Goldfinger Style Gadget filled Aston Martin

 
blog comments powered by Disqus

Follow The 007 Dossier on Facebook, Google Plus or twitter. Also checkout our YouTube Channel to embed our videos on your site.

All original content is Copyright © 2006-2017 the007dossier.com. All Rights Reserved. 007 Gun Symbol © 1962 Danjaq S.A. James Bond Gun Barrel Logo © 1988 Danjaq S.A. & MGM/UA. James Bond Iris Logo © 1999 MGM Inc. James Bond 007 is a registered trademark of MGM Inc. A division of the United Artists Corporation and EON Productions Limited. All rights reserved. Any other content remains Copyright © its respective owners. Legal Information.